Categorie archief: Thuisloosheid

Commissie versnelde toewijzing regio Brugge

Art. 24 van het Kaderbesluit Sociale Huur (KSH) biedt in welbepaalde gevallen de mogelijkheid van een versnelde toewijzing. Alle aanmelders (OCMW, CAW, GGZ, BJB, ‘t Sas) uit Brugge maakten hieromtrent afspraken en richtten de Commissie versnelde toewijzing Brugge op.

In het KSH is sprake van ‘een dakloze’. We hanteren daarvoor de definitie uit het KB van 21 september 2004 tot toekenning van een installatiepremie:
Onder een dakloze wordt de persoon verstaan die niet over een eigen woongelegenheid beschikt, die niet de middelen heeft om daar op eigen kracht voor te zorgen en daardoor geen verblijfplaats heeft, of tijdelijk in een tehuis verblijft, in afwachting dat hem een eigen woongelegenheid ter beschikking wordt gesteld.

De Commissie komt 5 keer per jaar samen: in februari, april, juni, september en november, telkens de derde woensdag van de maand. De aanvragen kunnen ingediend worden tijdens de eerste week van de maand waarin een Commissie plaats heeft. Het formulier aanvraag versnelde toewijzing 2017 kan je hier downloaden.

Op jaarbasis kunnen sinds de uitbreiding met aanvragen uit de omliggende gemeenten 15 woningen versneld toegewezen worden.

De leden van de Commissie zijn
CAW:  Nancy Mouqué en Linda Lievens (plaatsvervanger)
BJB: Shirley Van den Driessche en Marc Lapierre (plaatsvervanger)
OCMW: Marina Verschuere en Barbara Desmet  (plaatsvervanger)
GGZ: Stefaan Dhaese en Steven Ingelbrecht (plaatsvervanger)
‘t Sas: Elke Van Mieghem en Fabienne De Vis (plaatsvervanger)
Omliggende gemeenten: Dries Baeye en Anneleen Coupé (plaatsvervanger)
Regionaal Welzijnsplatform Noord West-Vlaanderen: Nele Welvaert (voorzitter)

Jaarlijks zal een beknopt evaluatierapport opgemaakt en verspreid worden.

OCMW Brugge biedt een startwoning aan na LOI (=lokaal opvanginitiatief) ” aan

OCMW Brugge biedt een startwoning aan na LOI (=lokaal opvanginitiatief) ” aan:

Er zouden 5 plaatsen in de woning aan de Pijpersstraat 5 8000 Brugge voorzien worden als ‘overgangsmogelijkheid’ voor mensen die geen huisvesting hebben gevonden binnen de vooropgestelde termijn.
Wij stellen voor deze mensen maximum 3 maanden de mogelijkheid te geven in deze woning te verblijven.
Binnen de maatschappelijke dienstverlening wordt een overlegstructuur opgericht om, op basis van het verslag van de maatschappelijk werker, zo objectief mogelijk te beslissen wie hiervoor in aanmerking komt.
Naar analogie met de regeling voor mensen die in crisisopvang verblijven, kunnen de cliënten die in deze structuur terecht komen, leefloon of equivalent als alleenstaande aanvragen.
Wij stellen voor om, naar analogie van mensen die in een doorgangswoning verblijven, een verblijfskost aan te rekenen van € 15,00 per dag;
Het leefloon of het equivalent leefloon wordt ingehouden tot betaling van deze verblijfskosten en het saldo wordt aangewend voor het uitbetalen van wekelijks leefgeld (volgens het systeem LOI) en om te sparen voor een huurwaarborg of eerste maand huur.
Wij stellen volgende voorwaarden voor om in aanmerking te komen voor deze vorm van opvang:

– Positief zoekgedrag vanaf het moment dat men de beslissing van dienst vreemdelingenzaken heeft ontvangen
– Uitputten van alle mogelijke vormen van crisisopvang in het reguliere circuit (met uitzondering van de nachtopvang)
– Verdere inzet bij het zoeken van een oplossing tijdens het verblijf in deze woning
– Extra aandacht voor mensen met medische en psychische problematiek
– Extra aandacht voor zeer jonge asielzoekers (waarvan twijfel is over het al dan niet meerderjarig zijn)
– Er wordt nagegaan of iemand eigen financiële middelen heeft
– Akkoord met de volledige afstand van het leefloon tot betaling van de verblijfskosten, het leefgeld en sparen.

Meer informatie te bekomen via
Veerle Van Vynckt
OCMW Brugge
050/32 64 20

Project erkende vluchtelingen van CAW Noord-West-Vlaanderen

Project erkende vluchtelingen van

CAW Noord-West-Vlaanderen

 

  • Wat houdt het project in?

 

Het project bestaat uit 2 delen:

  • De hulpverlening

Wij werken met  vluchtelingen die recent zijn ingestroomd en een erkenning hebben.  Al deze cliënten hebben een basisbegeleiding van het O.C.M.W.  Voor sommigen is dit niet voldoende.  Dan kunnen wij extra ondersteuning bieden.

Wij richten ons op de meest precaire doelgroepen onder de erkende vluchtelingen:

  • niet- begeleide minderjarigen ( in de eerste plaats een consultfunctie, indien er geen alternatieven zijn van gespecialiseerde diensten kunnen we deze begeleiding opnemen);
  • alleenstaande ouders;
  • alleenstaande vrouwen ( de positie van alleenstaande vrouwen kan meer precair zijn omwille van traditionele redenen);
  • mensen met verminderde zelfredzaamheid (bijv. minder netwerk, analfabeet, traumatische ervaringen.

Het betreft een integrale begeleiding met vragen op meerdere levensdomeinen

Dit houdt in dat we het wonen zelf ondersteunen: uitleg geven over energieverbruik en –betaling,  uitleg over energieverbruik en betaling, netheid van de woning, sorteren afval, …

Focus op integratie gaat over alle levensdomeinen.  We verwijzen zoveel mogelijk  door  naar het reguliere circuit. Zo verhogen we de zelfredzaamheid. We besteden ook aandacht aan sociale omgangsvormen, relaties en seksualiteit.

  • De interculturele bemiddeling

Individuele hulpverlening aan nieuwkomers kan door communicatieproblemen moeilijk verlopen.  Ook hulpverlening aan groepen van verschillende culturen kan specifieke moeilijkheden meebrengen.

In deze situaties kunnen intercultureel bemiddelaars een uitkomst bieden.  Zij bouwen bruggen tussen de verschillende culturen.  Intercultureel bemiddelaars kunnen gevraagd worden voor een algemene uitleg, een onderhandeling bij culturele misverstanden/ conflicten of een individueel consult van een hulpverlener.  

Dit aanbod is zowel intern in de afdelingen van het CAW als extern bij andere organisaties geldig.  Dit wel binnen het werkingsgebied van CAW Noord-West –Vlaanderen.

 

  • Hoe aanvragen?

 

Alle aanvragen voor hulpverlening kan gebeuren via de onthaalpoorten van het CAW.  Als doorverwijzende instantie kan je bellen naar de onthaalpoort en concrete afspraken maken.

Onthaal Brugge

Vlamingdam 36
8000 Brugge
tel  050 44 57 00
onthaal.brugge@cawnoordwestvlaanderen.be

Onthaal Welzijn

Hospitaalstraat 35
8400 Oostende
tel  059 59 21 21
onthaal.oostende@cawnoordwestvlaanderen.be

Onthaal Torhout

‘s Gravenwinkelstraat 20
8820 Torhout
tel  050 21 25 22
onthaal.torhout@cawnoordwestvlaanderen.be

Onthaal Blankenberge

  1. Nuytemanslaan 59
    8370 Blankenberge
    tel  050 43 28 50
    onthaal.blankenberge@cawnoordwestvlaanderen.be

Aanvragen voor interculturele bemiddeling graag richten aan:

interculturelebemiddeling@cawnoordwestvlaanderen.be

Of telefonisch op 059/70 37 42 en vragen naar Petra Lust of Hamid Hisari.

Buddyproject OCMW Brugge voor asielzoekers

Buddyproject  OCMW Brugge voor asielzoekers

gestart januari 2016

20 vrijwilligers zetten zich in voor 9 woningen .

Binnen het LOI merkten wij een nood aan opvolging en begeleiding waar de maatschappelijk werkers van het OCMW niet steeds aan kunnen voldoen. Dit omwille van de eigenheid van hun functie en omwille van de tijdinvestering die dit betekent. Wij merkten dat heel wat asielzoekers nood hebben aan iemand die hen wegwijs kan maken in onze samenleving. Dit gaat vaak om praktische zaken, die hen zouden helpen in hun dagdagelijkse leven in het opvangcentrum, zoals: waar zijn welke winkels, meegaan naar diensten, leren gebruik maken van het openbaar vervoer, e.d.

Anderzijds merkten wij ook een nood aan hulp bij het uitbouwen van een sociaal netwerk: informele contacten met mensen ‘van bij ons’, toeleiding tot sportclubs, oefenen in Nederlands praten, in contact komen met en uitleg krijgen over de waarden en normen waar wij binnen onze samenleving voor staan, e.d.

Daarom richtte het OCMW – Brugge binnen het Lokaal Opvanginitiatief  een ‘buddywerking’ op. Er zijn momenteel negen woningen we gebruiken voor de opvang van 62 asielzoekers. Per woning zijn meerdere buddy’s verantwoordelijk als ‘wegwijzer’ van de bewoners. De buddy’s staan in voor de ondersteuning tijdens het dagelijkse leven. Ze bieden extra ondersteuning bij de persoonlijke kennismaking met onze samenleving. Ze helpen hen ook bij het gebruik van het openbaar vervoer, maken hen wegwijs in administratieve diensten, zorgen voor vrijetijdsinvulling, leren ze Nederlands spreken, geven steun bij het zoeken naar een woning…

Dit project richt zich op een buddy-werking per woning. Op die manier engageren enkele mensen zich voor een specifieke woning met al zijn bewoners: je doet een aanbod voor gans de woning, maar stemt af op de vraag van de verschillende individuen; je bouwt aan een persoonlijk band, die toch niet te persoonlijk wordt indien een persoon de woning moet verlaten.

Eén maatschappelijk werker is aangesteld als vrijwilligerscoördinator.

Bron: Muriël van Poelvoorde OCMW Brugge 25 maart 2016

Regiostrategie thuisloosheid Noord-West-Vlaanderen

De regiostrategie vind je hier.
De nulmeting dak- en thuisloosheid 2014 van het Steunpunt WVG

In 2014 werken we op drie sporen:

referentieadres (regio Noord-West-Vlaanderen)
– overleg met mensen binnen het OCMW die verantwoordelijk zijn voor het toekennen van het referentieadres. Uitwisseling – opsporen knelpunten – afstemmen;
– indien nodig: overleg met mandatarissen om beleid in de regio af te stemmen.

lokale/regionale crisisopvang (regio Brugge, met financiële ondersteuning van het Stedenfonds)
– de inventaris van crisiswoningen wordt verfijnd en geactualiseerd;
– we onderzoeken wie wil meewerken aan een regionale pool: wie wil welke inbreng doen wat betreft woningen én begeleiding voor (kortdurende = max 21 dagen) opvang;
– de afspraken hieromtrent worden vastgelegd in een protocol;

crisisnetwerk optimaliseren (regio Brugge, met financiële ondersteuning van het Stedenfonds)
– netwerk nieuw leven inblazen: bestaande partners motiveren + nieuwe partners zoeken;
– samenwerkingsafspraken vastleggen;
– continuering van de werking verzekeren.

De vijf Feantsa doelstellingen, leidraad voor de werking

– Niemand (met en zonder papieren) mag genoodzaakt zijn om tegen zijn wil op straat te moeten overnachten bij gebrek aan opvang die aangepast is aan zijn situatie.
– Niemand mag genoodzaakt zijn om langer dan nodig te moeten verblijven in de opvang bij gebrek aan doorstromingsmogelijkheid naar (begeleid) wonen.
– Niemand mag uit een instelling ontslagen worden ( ziekenhuis, psychiatrie, gevangenis, jeugdinstelling,…) zonder voldoende nazorg en een oplossing voor zijn woonsituatie.
– Niemand mag uit huis gezet worden bij gebrek aan begeleidings-en herhuisvestingmogelijkheden.
– Niemand die jongvolwassen wordt of is mag thuisloos worden als gevolg van de overgangssituatie naar zelfstandigheid.

Eerste Housing First projecten in België

In juni 2013 starten Antwerpen, Brussel, Charleroi, Gent en Luik met Housing First projecten voor 310 daklozen (zie krantenartikel).

Uit het antwoord van staatssecretaris Maggie De Block op een parlementaire vraag van Mevrouw Zoé Genot, Ecolo (27 maart 2013):

‘De algemene doelstelling is een draaiboek uit te werken met de voorwaarden om begeleidende huisvestingsprojecten, geïnspireerd door het Housing Firstconcept, op te starten in ons land. Het draaiboek zou moeten toelaten om dat ook op andere plaatsen te doen, enigszins zoals met het draaiboek voor de winteropvang. Hierbij zal rekening gehouden worden met de specifieke kenmerken van elke stad, evenals met de beoogde doelgroep. Er zijn, bijvoorbeeld, soms daklozen die niet alleen het probleem van dakloosheid kennen, maar ook psychisch ontregeld zijn en als chronische patiënten in en uit de psychiatrie gaan. In de tussenperiode zijn ze dan dakloos. Nu zien we steeds meer alleenstaande vrouwen.

Het Verenigd Koninkrijk heeft het Housing Firstproject inderdaad geïntegreerd in haar nationale strategie met betrekking tot de daklozen, maar ook in andere Europese landen zoals Denemarken, Finland, Frankrijk, Noorwegen, Duitsland, Luxemburg, Nederland, Portugal en Zweden gebeurde dit. We zijn dus niet de eerste, maar beschikken over veel expertise uit het buitenland. Het kan geen kwaad om eens over het muurtje te kijken, op zoek naar best practices. De relevantie van de aanpak, de overtuigende resultaten en de overheidsinvesteringen maken deel uit van de verschillende rapporten en studies, waaronder een peer review van de projecten in Finland en Portugal.

De belangrijkste conclusie die hieruit kan getrokken worden, is dat het inderdaad interessanter en goedkoper is om de dakloosheid aan te pakken, te verminderen of te voorkomen dan ze te laten bestaan en te beheren.’